Cultuurnota: meer bereik is meer dan de C4

De Raad heeft gedebatteerd over de Cultuurnota. GroenLinks is blij met de doelen die bij de cultuurnota zitten: meer bereik, meer culturele participatie, en de link leggen met het sociaal domein. In de uitwerking zien we wel kansen voor meer scherpte. Hieronder de volledige bijdrage van woordvoerder Michel Klijmij-van der Laan aan het debat. Het debat is ook terug te kijken via deze link.

Debat Cultuurnota

 

Voorzitter,

 

Vorig jaar werd de gemeenteraad geconfronteerd met acute financiële problemen bij enkele grote culturele instellingen. De tekorten werden toen voor de korte duur gedekt, en voor de financiering op de lange termijn moest er een nieuwe cultuurnota komen.

 

De Cultuurnota die er nu ligt voldoet grotendeels aan de opdracht die ook in het actieprogramma te vinden is: zoek een oplossing voor de C4 zodat de culturele basisinfrastructuur overeind blijft. En in de nota is vervolgens ook verder gekeken wat de C4 dan moeten bieden voor het subsidiegeld dat ze krijgen.

 

Voorzitter, er zijn drie zaken die ik bij deze nota wil aankaarten. Dat is de rol van de culture infrastructuur buiten de C4, de rol van de gemeente en de speerpuntenmatrix.

 

Allereerst de rol van de culturele infrastructuur buiten de C4. Die is waanzinnig belangrijk. Zonder al die kunstenaars, liefhebbers, vrijwilligers en meer in het culturele domein zou de C4 niet zo goed kunnen functioneren. In een culturele infrastructuur is niet alleen het centrale plein belangrijk, maar ook álle toegangswegen. Door de inhoudelijke én financiële focus op de C4 wordt andere organisaties ook de kans ontnomen wezenlijk bij te dragen aan de doelen in het raadsbesluit. We zien dat als gemiste kans, en vragen de Raad of zij ook meer aandacht willen voor “de rest”.

 

Ten tweede, de rol van de gemeente. Uit de nota spreekt een groot vertrouwen in de directeuren van de C4. Als je kijkt wat deze instellingen hebben neergezet wellicht terecht. Maar het maakt ook kwetsbaar. De C4 moet eigelijk het hele culturele beleid van de gemeente gaan uitvoeren, en zij zijn weer afhankelijk van veel vrijwilligers, en worden daar alleen maar meer afhankelijk van. De consequentie van “meer efficiency” en “betere bedrijfsvoering” is dat mensen worden ontslagen of minder baanzekerheid hebben, en dat professionals worden vervangen door vrijwilligers. We rekenen ons rijk met het culturele vermogen, maar het is wel vreemd vermogen, geen eigen kapitaal. Aansluitend op ons eerste punt zou de gemeente er ook voor kunnen kiezen een pro-actievere rol te nemen. In de verkennings heeft de wethouder zich al duidelijk uitgesproken over het belang van zorgvuldigheid daar waar het de personele gevolgen betreft. Daar zullen we het college aan houden.

 

Ten derde, de speerpuntenmatrix. Goed om afspraken te maken met de instellingen, in ruil voor meer subsidiezekerheid. Maar maak dan ook goede afspraken. De kolom “bereik” is nog wel erg gericht op het trekken van meer bezoekers. Wij zien daar liefst bij dat de instellingen ook de wijken in gaan. De bibliotheek doet dat nog het meest via popup en pluginbibliotheken. Maar de schouwburg, het cultuurhuis en het museum kunnen ook meer de binnenstad uit, naar de andere kant van het spoor en vooral naar de Korte Akkeren en Oost, waar cultuur wat meer aan de man moet worden gebracht. De link met sociaal domein snappen we maar blijft erg vaag in de matrix, terwijl de C4 nota bene zelf al goede voorbeelden geven van wat ze doen qua reïntegratie.

 

Afronden voorzitter willen wij meer aandacht voor de instellingen buiten de C4, een meer actieve rol voor de gemeente, en duidelijkere prestatie-afspraken met de C4.